Gerechtelijk recht: Het navolgend hoger beroep

Het “ hoger beroep” als gewoon rechtsmiddel in burgerlijke zaken wordt geregeld in de artikelen 1050 en volgende van het gerechtelijk wetboek.

Men kan als belanghebbende partij hoger beroep aantekenen tegen een vonnis in eerste aanleg gewezen op voorwaarde dat het vonnis nog niet werd betekend én de beroepstermijn van één maand niet verstreken is.

De zaak wordt als het ware geheel of gedeeltelijk overgemaakt aan een hogere rechtsinstantie teneinde de beslissing van de rechter in eerste aanleg trachten te hervormen.

Vaak bestaat een beroepsinstantie uit gespecialiseerde rechter(s) zodat het wel eens nuttig kan zijn om in beroep te treden, doch wordt dit rechtsmiddel tevens vaak ingesteld omwille van de schorsende werking ervan.

Een navolgend hoger beroep in het bijzonder is een hoger beroep dewelke wordt ingesteld voor het verstrijken van de beroepstermijn tussen partijen die reeds in het geding zijn en dewelke volgt op het initiële hoofdberoep.

Bijv.: Er wordt hoger beroep ingesteld bij de Rechtbank van Eerste Aanleg door partij x op 11 maart tegen een vonnis zoals gewezen door het Vredegerecht.

Op 11 mei wordt zijn vordering hervormd in beroepsbesluiten.

In dat geval is er sprake van een navolgend hoger beroep.

Zoals hoger gesteld kan er maar sprake zijn van een navolgend hoger beroep indien dit wordt ingesteld voor het verstrijken van de beroepstermijn, zijnde één maand na betekening, vanaf de kennisgeving van de uitspraak of uitzonderlijk vanaf de uitspraak zelf.

Bijv.: Er wordt hoger beroep ingesteld bij het Hof van Beroep door partij x op 11 maart tegen een vonnis geveld door de Rechtbank van Koophandel.

Op 11 mei wordt de vordering hervormd in eerste beroepsbesluiten omdat de advocaat iets belangrijk vergeten is te vermelden in zijn verzoekschrift tot hoger beroep.

Maar het vonnis van de Rechtbank van Koophandel was reeds betekend op 20 februari.

In dit geval kan het “hervormd” hoger beroep niet meer worden gekwalificeerd als een navolgend hoger beroep aangezien op 11 mei de beroepstermijn reeds verstreken was, zijnde: 20 februari + 1 maand.

Men kan zich nu de vraag stellen wat het nut is van zo een navolgend hoger beroep.

Het antwoord is eenvoudig aangezien een advocaat van de eisende partij (appellante genoemd ) na het instellen van het hoger beroep geconfronteerd kan worden met een mogelijk onontvankelijk hoger beroep.

Middels een navolgend hoger beroep kan deze advocaat dit proberen te herstellen in zijn beroepsbesluiten door een navolgend hoger beroep in te stellen.

Bijv.: Er is geen beschikkend gedeelte per vergissing opgenomen in het verzoekschrift tot hoger beroep.

De tegenpartij (geïntimeerde) zou dan kunnen opwerpen dat de vordering onduidelijk is, met name roept hij de exceptie van onontvankelijkheid in ( op voorwaarde dat dit in limine litis werd opgeworpen).

De raadsman van appellante zou deze vergissing kunnen herstellen door een beschikkend gedeelte op te nemen in zijn beroepsbesluiten, hetgeen dan gekwalificeerd kan worden als een navolgend hoger beroep indien de voorwaarden, zoals hierboven werden uiteengezet, vervuld zijn.

Reageer

Over Anniek

Anniek

Anniek studeerde Burgerlijk Ingenieur aan de Katholieke Universiteit Leuven en helpt je graag met al jouw wiskundige en wetenschappelijke problemen.

Anniek geeft bijles Chemie, Fysica, Statistiek en Wiskunde in Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant en West-Vlaanderen.

Contacteer Anniek